Kalibratie

Trillingsmeter kalibratie certificaat

Uit ervaring weten wij dat de kalibratiecertificaten van trillingsmeters, met name de SBR-trillingsmeters meestal niet goed worden geïnterpreteerd of begrepen. Een kalibratielab kan in beginsel een systeem niet goed- of afkeuren. De technicus geeft dan vaak alleen aan of de trillingsmeter voldoet aan de specificaties zoals die opgegeven zijn door de leverancier van de trillingsmeter, met een bepaalde standaard nauwkeurigheid (veelal 95%).

Kalibratie certificaat

Daarnaast worden de grafieken en berekende onnauwkeurigheden genoteerd in dB. Deze grootheid komt naar verhouding gunstiger over dan een procentuele weergave. Wij zien rapportage van kalibratiecertificaten van trillingsmeters volgens de SBR richtlijn waarbij onzekerheden aangegeven worden van > 1 dB. Een trillingsmeter met een dergelijke onnauwkeurigheid dient echter afgekeurd te worden.  Dit gebeurt echter niet, de trillingsmeter blijft ongelimiteerd in gebruik omdat er niet duidelijk op het certificaat staat FAIL.

Ondanks dat bijvoorbeeld de SBR een maximale nauwkeurigheid aangeeft – bij het meten in situ – van de hele meetketen van 10% in situ tijdens de metingen.  De meetonzekerheid in situ van de meest gebruikte systemen in Nederland ligt al rond de 5%. Dit betekent dat in het kalibratielaboratorium de gemeten afwijking veel kleiner dient te zijn. De meeste laboratoria hebben in het meetgebied van de SBR een meetonzekerheid van 1-3%, afhankelijk van de kwaliteit van het laboratorium. Voor herleidbare kalibratie naar DANAK en PTB kunt u terecht bij www.calibration-lab.com. Vraag vrijblijvend hier uw offerte aan.
Feitelijk dient de – in het kalibratielab gemeten afwijking – niet groter te zijn dan maximaal 5%. Indien u in de praktijk wilt voldoen aan de het criterium dat de meetfout niet groter mag zijn dan 10% (ca. 1 dB), dan geldt dit met name bij de meetsystemen waarbij Geofonen wordt gebruikt.